| English |
|
|||
|
O P S T E L L I N G E N
Op woensdag 20 oktober
kreeg ik de kans te participeren in organisatieopstellingen. Het waren er twee. De een ging over een
centrale dienst bij een scholengroep, de ander over interne relaties van een afdeling
inkoop. Mijn ervaringen zullen
zeker gekleurd zijn door de indringende persoonlijke ervaring van het opgesteld worden,
het opgesteld zijn en de ruimte die je als opgestelde denkt te hebben bij verschillende
stadia in de opstelling. Achteraf maakt mij dat toch
weer erg bewust van de rol die je persoonlijke beleving speelt bij strategie- en
organisatieontwikkeling. En in zon opstelling krijg je veel kansen jezelf en anderen
persoonlijk en institutioneel, op allerlei manieren in rust en onder stress te beleven.
Heel apart. Beide gevallen was er een
casebrenger. Die heeft de verantwoordelijkheid en de vrijheid om mensen op te stellen.
Zowel wat betreft de positie, als de vector: waar richt je je blik op. En wat kan je nog
wel en niet zien. Hoe hoor je mensen die je niet ziet? Wat doen mensen met je waar je
frontaal of zijdelings mee in contact komt. Hoe werkt de afstand tot een andere partij? Zowel de casebrenger als de
opgestelden krijgen steeds ruimte om te reflecteren op gevoelens, ervaringen en andere
ingevingen. Daar wordt zeer vrij gebruik van gemaakt, en brengt zeer wisselende ladingen
in de casus. De opstelling wordt ook
gebruikt om scenarios te ontwikkelen en te toetsen: Als er een centrale
doorbraak in het systeem mogelijk is, waar zou dat dan kunnen zijn? En wordt zelfs de doorbraak
als aparte actor opgesteld. Daar komt een belangrijke
rol van de begeleider naar voren. Die beschikt over een groot repertoire van interventies.
Van spelregels, tot time management, van samenvattingen, tot het bepalen welke spelers
worden gerepresenteerd. De keuze van de spelers
bepaalt ook de strategische dimensies van een casus. Haal je er wel of geen externen bij?
Neem je 1 speler voor 9 scholen, of werk je met individuele scholen Ook de reflecties worden
beïnvloed door de begeleider. Mij zelf lijken de directe ervaringen maar beperkt
relevant. En zeker de waarde van de opstelling kan pas veel later duidelijk worden. De hele techniek vraagt om
lange termijn instellingen. Er komt veel verleden boven, veel heden, maar er opent zich
ook veel toekomst. Daar passen geen operationele toetsingscriteria bij. Een rijk instrument, met
oneindige mogelijkheden, in zeer korte tijd in stelling te brengen. En om met Youp te spreken:
Na afloop begint het pas
Amsterdam, 27-10-10 Paul Valens
|
|
||