valens.nl

 
 

 

FOUNDED BY FARMERS?

 

In augustus 1949 verscheen:

Landbouw en Landbouwcrediet 1898-1948, vijftig jaar geschiedenis van de Coöperatieve Centrale Boerenleenbank Eindhoven.

Dit gedenkboek handelt over één van de twee belangrijkste peilers van de huidige Rabobank, bekend van het TV-spotje: "Founded bij Farmers".

Het Eindhovense verhaal toont de "Farmers" echter in een zeer ondergeschikte bijrol. Regenten, geestelijken, economisten, baantjesjagers en bankiers lijken bij de oprichting belangrijker geweest te zijn.

Althans in het zuiden.

 

 

In 1882 ontstaat de Brabantse Maatschappij van Landbouw. Een prominent lid van deze maatschappij, notaris W. Coolen te Helvoirt, doet in de Economist van 1884 het voorstel om gelden van de Rijkspostspaarbank voor het landbouwkrediet ter beschikking te stellen.

Op het 37ste Nederlands Landhuishoudkundig Congres te Amersfoort wordt deze suggestie in 1884 overgenomen.

In de Gids van 1855 verzet de Amsterdamse financier Mr F. S. van Nierop zich heftig tegen dit soort van ideeën. Naar zijn mening kan de Rijkspostspaarbank onmogelijk de kredietwaardigheid van landbouwers beoordelen.

Van Nierop verwijst naar andere oplossingen zoals die van succesvolle Kredietverenigingen in Italië (Luzatti) en Duitsland (Raiffeisen).

Een dergelijke organisatie zou tevens de notarissen van hun " slechts met weerzin" verricht bankbedrijf kunnen ontslaan. (Blijkbaar vervulden notarissen tot dan toe een bedenkelijke en lucratieve rol bij het verstrekken van landbouwkredieten).

De Economist steunt vervolgens van Nierop en roemt de voortreffelijke organisatie van de Raiffeisen coöperatie in het Groothertogdom Baden. Zij adviseert de invloedrijke Maatschappijen van Landbouw in te zetten met behulp van haar afdelingen, publicaties en leraren.

In 1866 leidt mr. N. G. Pierson een staatscommissie die een en ander verder gaat onderzoeken. En die in 1888 en 1890 rapporteert.

Een duurzame verbetering van het vraagstuk van het landbouwkrediet kan alleen verwacht worden als deze door de belanghebbenden zelf (de boeren dus) tot stand zal worden gebracht.

De commissie is echter erg pessimistisch over het zelforganiserende vermogen van de boeren:

"Van samenwerking op het gebied van het kredietwezen is niet alleen geen spoor te vinden, maar bijna algemeen wordt de vrees uitgesproken, dat een regeling.......niet alleen zal afstuiten op een gebrek aan kapitaal, maar ook en vooral op gebrek aan de benodigde personen, die gezind zouden zijn het initiatief te nemen of de bekwaamheid zouden bezitten om te beheren en te leiden."

 

Boeren zelf speelden blijkbaar geen rol van betekenis bij het organiseren van een landbouwkredietwezen.

Economen, bankiers, notarissen, burgemeesters (Raiffeisen zelf was ook burgemeester) speelden de hoofdrollen. En uiteindelijk de Katholieke Kerk en wat we nu "Regenten" zouden noemen.

Founded "for", in plaats van: "by" farmers.

En mee ingegeven om het socialisme en de ontwikkeling van de steden te bestrijden: de twee belangrijkste gevaren voor het behoud van "het ene ware geloof".

De eerste, die deze zendingsideeën uiteenzet, is de Sittardse onderwijzer J. Claessen.

Hij pleit in 1866 voor een krachtige boerenorganisatie op christelijke grondslag als tegenwicht tegen kapitalistische en socialistische machten.

 

In 1866 richt L. Ridder van der Schueren met een aantal gelijkgestemden de Nederlandse Boerenbond op, met: "God, Huisgezin en Eigendom" als voorwaarde voor lidmaatschap.

 

De meest actieve afdeling in deze bond was de Noord-Brabantse Christelijke Boerenbond (NCB) die in 1896 overging tot een commissie voor Raiffeisenkassen. En aan de namen en functies te zien waren ook in deze commissie de echte boeren in de minderheid: Mr. Baron van der Borch te Ginneken, Vincent van den Heuvel te Geldrop, J. Hermans te Deurne, Corn. Van Iersel te Helvoirt en L. van Rijckevorsel te Vught.

 

Van den Heuvel werd als de centrale figuur in deze commissie gezien. Hij wordt omschreven als een sociaal voelende fabrikant-politicus. Wellicht kan hij op één lijn worden geplaatst met de idealisten-ondernemers Petrus Regout (1801-1878) van de Kristal-, Glas- en Aardewerkfabriek in Maastricht en Jacques van Marken (1845-1906) van de Gist- & Spiritusfabriek te Delft.

Van den heuvel liet zich assisteren door twee belangrijke spelers: P. M. van Vorst, gemeentesecretaris te Geldrop en Pater G. van den Elsen, rector van de Norbertijner-Abdij van Berne te Heeswijk.

Pater Van den Elsen is een van de spelers om iets langer bij stil te staan.

Hij wordt gezien als de uitvinder van het woord "Boerenleenbank" en hij was het die het voorstel tot oprichting van de commissie in de NCB-vergadering gedaan had.

Daarnaast spoorde hij (met veel succes) alle geestelijken in Brabant op om ook een plaatselijke boerenleenbank op te richten. Hij haalde daarbij de ervaringen van Duitse pastoors aan, die beweerden dat "....de leenbanken in zedelijk opzicht met beter gevolg op het keren van misbruiken werkten, dan zij zelve konden doen..."

Twee andere, niet-agrarische, actoren in dit ontstaansproces van de boerenleenbanken waren de gebroeders Louis en Alphons van Rijckevorsel (tevens neven van Ridder van de Schueren, de voorzitter van de Nederlandse Boerenbond NBB en van de Gelderse afdeling).

Louis werd bij de oprichting in 1897 benoemd tot inspecteur generaal van de boerenleenbanken.

Alphons was bij de Brabantse NCB slechts voorzitter van de inkoopcommissie, maar werd (ook in 1897) ondervoorzitter van de landelijke NBB.

Louis van Rijckevorsel heeft zich onder meer onsterfelijk gemaakt door baas van Van denElsen, de Abt van Berne, te vragen de monnik binnen de kloostermuren te houden onder dreiging van processen voor zowel kerkelijke als wereldlijke rechtbanken.

Alphons probeerde (eveneens tevergeefs) om de bisschop van Den Bosch hierbij in te schakelen.

Onder non-farmers kan het soms vreemd toegaan....

Wellicht hebben dit soort RTL-Boulevard-achtige zaken in het Zuiden er mee toe bijgedragen dat in 1898 niet één Centrale Boerenbank ontstaat, maar twee!

Twee, centrále, banken.

Eén in Utrecht en één in Eindhoven.

En tot voor kort twee hoofdkantoren.

Het voorstel Pauwen wordt aangenomen met daarin de paradoxale zinswending dat "de vrede is getekend, en elke aanleiding tot krakelen en scheuring is weggenomen".

En de "Farmers" stonden erbij en keken er naar.....

Goed honderd jaar later hebben drie Noord-Nederlandse non-farmers de eenheid alsnog hersteld: Lenze Koopmans, Wim Meijer en Otto Baron van Verschuer.

En is de Rabobank van het platteland zegevierend de grote steden binnengetrokken.

Het klassieke domein van de Rijkspostspaarbank, inmiddels De Postbank, inmiddels ING.

 

 

Amsterdam, 12 maart 2005

Paul Valens

 

 

schueren.jpg (51371 bytes)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

alphons.jpg (53671 bytes)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

elsen.jpg (35520 bytes)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

louis.jpg (6670 bytes)

 

 

 

 

 

 

 

lenze.jpg (45016 bytes)

valens.nl