OVER DE WIJSHEID

 

 jongens.jpg (54606 bytes)

(Charmides)

 

 

 

Mannen onder elkaar

 

"Hij kijkt me aan.

Die ogen, vriend!

Die ogen!

Niet te beschrijven!....

Daar gaat hij van wal steken met vragen!

En al de aanwezigen in de worstelschool, van de eerste tot de laatste, die toestromen in een dichte kring rond ons!

En op dat ogenblik, mijn waarde, op dat ogenblik zie ik wat onder zijn kleed is!

(I caught a sight of the inwards of his garment)

Ik gloei!

(and took the flame)

Ik ben niet langer mezelf meester.

Toen besefte ik wat een grootmeester in de erotiek Cydias was,

hij die over een mooie knaap sprekend, een vriend de raad gaf:

"Pas op hertenjong!

Kies toch geen deel van het vlees in het bijzijn van een leeuw!"

 

 olieworstelen.jpg (56721 bytes)

Misleiding en langs elkaar heen praten

 

Met deze eigentijdse frisse tekst start de Socratische monoloog met Charmides, de mooiste jongen van de worstelschool.

Een schijngesprek, dat start onder het voorwendsel dat Socrates Charmides wel van zijn hoofdpijn kan afhelpen.

Maar - zo glibbert en draait Socrates - het heeft geen zin om alleen aan je hoofd te werken, als de rest niet goed is.

Dus laten we het eerst over je ziel hebben!

 

Een organisatieadviseur had het hem niet verbeterd.

En een zielzorger ook al niet.

(Over het verschijnsel "ziel" bij Plato, later hopelijk meer.)

"De verzorging van de ziel nu, mijn beste, bestaat in bepaalde toverformules, en deze toverspreuken zijn: de schone betogen

Uit zulke betogen ontstaat in de ziel de wijsheid."

 

En die betogen is Socrates best bereid af te steken, en als dialoog vermomd aan de mooie Charmides af te staan, om hem van zijn hoofdpijn te genezen.

Er bestond destijds nog geen Peter R. de Vries.

 

Socrates gebruikt daarbij herhaaldelijk woorden als: "samen onderzoeken" en "samen met u".

Maar vervolgens hij er zelf met de bal van door en gebruikt hij de inbreng van Charmides uitsluitend om te weerleggen.

 

Wijsheid

 

Charmides blijkt een leuke en frisse kijk op "wijsheid" te hebben.

Achtereenvolgens brengt hij naar voren dat wijsheid iets met kalmte, bescheidenheid, en zijn eigen ding doen te maken heeft.

 

Socrates demonteert al die benaderingswijzen, en Charmides wordt dan door zijn voogd Critias geholpen die stelt dat wijsheid iets met zelfkennis te maken heeft, met kennis van andere wetenschappen en van zichzelf, en van goed en kwaad.

 

Uiteraard in de versie van Plato, die er alleen op uit schijnt te zijn om Socrates te laten schitteren. Het voetstuk voor Socrates wordt aan het eind nog een twee maal verhoogd door de uispraak van Socrates zelf, dat hij blijkbaar te dom is voor dit soort moeilijke vraagstukken (de Kweetal-denkraam-benadering),

En doordat Critias Charmides beveelt voortdurend met in de buurt van die oude Socrates te blijven en zich blijvend te laven aan zijn geweldige inzichten.

 

Wat Charmides graag belooft!

 

"The Bold and the Beautiful" is er realistisch bij.

 kazan.jpg (9929 bytes)

Socrates als Hans Kazan

 

Bij Socrates zijn er voortdurend mensen die ergens verstand van hebben, en anderen die dat niet hebben.

En beide groepen zijn niet in staat met elkaar te communiceren.

De dokter weet alles van geneeskunde, de patiënt niks.

De paardenmenner weet alles van paarden: alle anderen niets.

Wat de deskundige weet, weet de leek niet.

Patiëntenverenigingen bestonden er toen nog niet.

Kritische lezers en consumenten evenmin.

Iedereen doet er het best aan, zich over te geven aan de deskundige op zijn terrein.

En wijze heeft de leiding over deskundigen en niet-deskundigen, in deze digitale wereld van je bent wijs, of niet, en deskundig, of niet.

 

"O ja, als de wijze...wist wat hij weet en niet weet,

als hij wist dat hij het ene wél, en het andere niet kent, en als hij in staat was anderen, die in zijn geval verkeren, te onderzoeken: dan zou het bezit van wijsheid ons grotelijks nuttig zijn.

Dat durf ik zeggen.

Dan zouden we immers gans ons leven vrij blijven van dwaling.

Wijzelf, die de wijsheid bezitten.

En alle anderen die onder onze leiding zouden staan."

 

Hier horen wij Socrates als extremist en idealist:

"Gans ons leven" en "Vrij van dwaling".

Nooit een eventjes lekker mis.

Chronisch perfect.

Vreselijk lijkt me.

En dit zullen we nog vaker tegenkomen bij Plato: Zuivere Waarheden, Echt en zonder Valse Schijn, liever Dood dan Concessies.

Eeuwig.

Elke sjeu is er dan toch wel af.

En de deur voor terrorisme wordt wijd open gezet.

 

"Wijzelf immers zouden niet proberen dingen te doen waar we geen verstand van hebben.

We zouden de deskundigen weten te ontdekken en hun die dingen toevertrouwen.

En wat de anderen betreft, wier leiding in onze handen berust:

nooit zouden we hun iets opdragen, tenzij taken die zij naar behoren zullen uitvoeren.

Dat wil zeggen: taken waar ze verstand van hebben.

Op die manier zou, onder leiding van de wijsheid,

elk huis goed worden bestuurd

en elke staat goed geregeerd.

Goed zou het overal zijn, waar de wijsheid de leiding had"

 

En die wijsheid blijkt nou net Socrates te hebben!

Die weet wat hij niet weet.

En dat is nou net: "Wijs"!

 

"Wordt eenmaal de dwaling weggenomen,

Gaat eenmaal de juistheid voor,

dan moeten de mensen in zo'n toestand onvermijdelijk,

bij alles wat ze doen,

schoon en goed handelen.

En als hun handelingen gelukken,

zijn zij zelf gelukkig."

 

Een denklijn die we later in "La Republique" in de Pol Pot passage ook weer tegen komen.

 

 jaques.jpg (41385 bytes)

 

 

 Amsterdam, 8 september 2005

Paul Valens